Een diepgaand overzicht van werking, resultaten en toepassingen van stamcelinjecties bij artrose – gebaseerd op recente studies en klinische praktijk
In de afgelopen jaren is stamceltherapie in opkomst als veelbelovende behandeling voor artrose. Deze degeneratieve gewrichtsaandoening treft miljoenen mensen wereldwijd en veroorzaakt chronische pijn, stijfheid en verminderde bewegingsvrijheid. Waar traditionele therapieën vooral gericht zijn op symptoombestrijding, richt stamceltherapie zich op iets fundamenteel anders: herstel van binnenuit.
Stamcellen beschikken over het unieke vermogen om zich te vermenigvuldigen en te ontwikkelen tot verschillende celtypen, waaronder kraakbeencellen. Daarmee openen ze nieuwe mogelijkheden om beschadigd gewrichtsweefsel te regenereren, klachten te verlichten en het ziekteproces mogelijk af te remmen.
In dit artikel lees je hoe stamceltherapie bij artrose werkt, welke vormen er zijn, wat de wetenschap tot nu toe laat zien, en voor wie deze innovatieve aanpak geschikt kan zijn.
Stamcellen voor heupherstel – Mayo Clinic (2012)
Deze aanpak biedt een veilig en niet-chirurgisch alternatief voor traditionele ingrepen, met als voordelen: kortere hersteltijd, minder risico’s en het gebruik van lichaamseigen cellen.
Hoewel de video dateert uit 2012, geeft hij een helder beeld van hoe regeneratieve therapieën al vroeg zijn toegepast in de orthopedie — en waarom ze nog altijd relevant zijn voor mensen met artrose.
Wat is stamceltherapie?
Stamceltherapie biedt een veelbelovende optie voor de behandeling van artrose. Hierbij worden lichaamseigen stamcellen geïnjecteerd in het aangetaste gewricht, met als doel om chronische pijn te verlichten en operaties te vermijden.
In de Verenigde Staten — waar stamcelinjecties al sinds 2005 worden toegepast — en in behandelcentra in onder meer Duitsland en Zuid-Korea, maken regeneratieve injecties inmiddels deel uit van geavanceerde orthopedische behandelstrategieën. Deze instellingen combineren medische expertise met nauwkeurige selectiecriteria en hoogstaande laboratoriumtechnologie. Juist binnen die context — zorgvuldig, gereguleerd en patiëntgericht — worden bij veel mensen duidelijke verbeteringen gezien: minder pijn, meer mobiliteit, en in veel gevallen uitstel of zelfs afstel van operatief ingrijpen.
Hoewel het niet mogelijk is om bij ernstige artrose — waarbij sprake is van ‘bot op bot’ — het oorspronkelijke kraakbeen volledig terug te laten groeien, kan stamceltherapie wél bijdragen aan pijnvermindering en een betere gewrichtsfunctie.
Bij artrose van de knie zijn de meeste klinische studies gedaan, en hier worden vaak goede resultaten gezien. Maar ook bij andere gewrichten, zoals de heup, enkel, schouder en duim, wordt stamceltherapie toegepast.
Zelfs bij bepaalde rug- en nekklachten — zoals artrose van de facetgewrichten of slijtage van tussenwervelschijven — worden stamcelinjecties onderzocht en in sommige gespecialiseerde klinieken toegepast. Door stamcellen onder beeldgeleiding in het beschadigde bot, kraakbeen of omliggende structuren te injecteren, kan in veel gevallen de mobiliteit toenemen en het gebruik van pijnstillers worden verminderd. De slagingskans en toepasbaarheid verschillen per gewricht, en zijn mede afhankelijk van de ernst van de schade en de algemene gezondheidstoestand.
Een belangrijk voordeel van stamceltherapie is dat het de hersteltijd kan verkorten en mogelijk bijdraagt aan regeneratie van weefsel dat bij artrose verloren gaat.
Kraakbeen heeft van nature een beperkt vermogen tot zelfherstel. Dat komt onder meer doordat het slecht doorbloed is en weinig actieve cellen bevat. Hoe goed kraakbeen zich nog kan herstellen, hangt af van factoren als leeftijd, algehele gezondheid en de ernst van de schade.
Bij jongere mensen zijn kraakbeencellen doorgaans actiever, met meer delingsvermogen en metabole activiteit. Daardoor kunnen kleine kraakbeenletsels soms nog spontaan herstellen. Naarmate we ouder worden, neemt dat vermogen af. Oudere kraakbeencellen zijn minder actief, en bijkomende factoren zoals chronische ontsteking of slijtage bemoeilijken het herstel verder.
Dit verklaart mede waarom artrose — een aandoening waarbij het kraakbeen geleidelijk afneemt — vooral voorkomt op latere leeftijd.
Stamcellen kunnen direct uit het lichaam worden geïnjecteerd, zoals bij de gangbare BMAC-behandeling. In sommige klinieken wordt daarnaast gewerkt met gekweekte stamcellen — waarbij cellen in het laboratorium worden vermeerderd voordat ze worden toegediend.
Dankzij deze regeneratieve benadering kunnen artsen nu pijnlijke gewrichten behandelen op een manier die verder gaat dan symptoombestrijding: door het stimuleren van herstel van binnenuit. Daarmee biedt stamceltherapie een waardevol alternatief voor patiënten die nog niet toe zijn aan een operatie, maar wél meer grip willen krijgen op hun artrose.
Heb je last van artrose in de knie en overweeg je een injectie?
Welke injectie bij artrose in de knie werkt echt?
Voordelen van stamceltherapie bij artrose
Stamceltherapie biedt diverse voordelen ten opzichte van traditionele behandelmethoden bij artrose. Hoewel het nog altijd een zich ontwikkelend vakgebied is, maken een aantal duidelijke eigenschappen stamceltherapie tot een veelbelovende optie voor mensen met gewrichtsklachten.
- Vermindering van ontsteking
Stamceltherapie kan ontstekingsreacties in het gewricht dempen. Ontsteking is een belangrijke oorzaak van pijn en gewrichtsschade bij artrose. Door deze actief te remmen, helpt stamceltherapie niet alleen bij pijnverlichting, maar kan ook de progressie van de aandoening worden vertraagd. - Pijnverlichting
Veel mensen met artrose ervaren langdurige, dagelijkse pijn. Stamceltherapie heeft het potentieel om die chronische pijn te verminderen en de kwaliteit van leven te verbeteren. De stamcellen ondersteunen herstel van beschadigd weefsel en bevorderen de aanmaak van nieuw, gezond kraakbeen. - Verbetering van de gewrichtsfunctie
Artrose leidt vaak tot stijfheid, beperkte mobiliteit en verlies van functie. Stamceltherapie kan het functioneren van het gewricht verbeteren door regeneratie te stimuleren en structuur te herstellen. Hierdoor kunnen patiënten weer actiever worden in hun dagelijks leven. - Langdurige werking en weefselherstel
Een opvallend kenmerk van stamceltherapie is het potentieel voor blijvend effect. De geïnjecteerde cellen kunnen zich ontwikkelen tot nieuwe kraakbeencellen, waardoor beschadigd kraakbeenweefsel daadwerkelijk wordt hersteld. Daarmee biedt de behandeling niet alleen verlichting, maar ook kans op het vertragen van het ziekteproces.
Onderzoek naar stamceltherapie voor artrose
Stamceltherapie bij artrose is een actief en groeiend onderzoeksgebied binnen de regeneratieve geneeskunde. Meerdere internationale klinische studies tonen aan dat injecties met lichaamseigen stamcellen veilig kunnen zijn en bij goed geselecteerde patiënten leiden tot pijnvermindering, verbeterde gewrichtsfunctie en soms zelfs kraakbeenherstel.
Hieronder volgt een overzicht van enkele belangrijke studies:
- 2016 – Mayo Clinic
De Mayo Clinic publiceerde het eerste placebogecontroleerde, dubbelblinde onderzoek naar autologe beenmergstamcellen bij knieartrose. De behandeling bleek veilig en leidde bij veel patiënten tot vermindering van pijn en verbetering van functie. 1 - 2021 – 3D MRI-analyse
Een studie met geautomatiseerde 3D MRI-analyse liet zien dat stamcelinjecties in de knie de progressie van artrose vertraagden en verdere structurele achteruitgang voorkwamen. 2 - 2022 – Prospectieve 2-jaars patiëntenserie
Een grootschalige serie toonde aan dat stamceltherapie langdurige klinische verbetering gaf en in veel gevallen het uitstellen van een knieprothese mogelijk maakte. De onderzoekers wezen ook op het potentieel om de wereldwijde economische last van artrose te verlichten. 3 - 2023 – Stamcellen + PRP
Een klinische studie bij patiënten met knieartrose toonde aan dat een injectie met mesenchymale stamcellen en PRP leidde tot duidelijke symptoomverlichting, verbetering van gewrichtsfunctie en een toename van de kraakbeendikte op echografie. Er werden geen significante bijwerkingen gemeld. 4 - 2025 – Cochrane-review
Een systematisch overzicht van 25 studies met 1341 deelnemers concludeerde dat stamcelinjecties mogelijk leiden tot lichte tot matige verbetering van pijn en functie vergeleken met placebo. De therapie werd als veilig beoordeeld. De auteurs wijzen op variatie tussen studies en onzekerheid over langetermijneffecten, maar benadrukken dat stamceltherapie klinisch relevant kan zijn voor goed geselecteerde patiënten. 5
Hoewel stamceltherapie voor artrose nog niet is opgenomen in de standaardrichtlijnen, wijzen meerdere goed uitgevoerde studies op een positief effect bij zorgvuldig geselecteerde patiënten. De behandeling blijkt in veel gevallen veilig, met potentieel voor pijnverlichting, functieherstel en het uitstellen van operaties. Deze onderzoeksresultaten onderstrepen het belang van verdere erkenning en toegankelijkheid van regeneratieve therapieën binnen de moderne zorgpraktijk.
Procedure stamceltherapie
Hoewel stamceltherapie complex klinkt, is het in de praktijk een relatief eenvoudige en minimaal-invasieve behandeling. Binnen de orthopedie worden doorgaans autologe mesenchymale stamcellen gebruikt — dat wil zeggen: stamcellen afkomstig uit het eigen lichaam.
1. Voorbereiding van het gewricht
Om het effect van stamceltherapie te versterken, wordt het gewricht vooraf geactiveerd. Dit gebeurt meestal met een injectie van Platelet-Rich Plasma (PRP) — een oplossing van lichaamseigen bloedplaatjes die groeifactoren bevat en het herstelproces stimuleert.
Sommige klinieken gebruiken in plaats van PRP een andere vorm van biologische conditionering, zoals een voorbereidende injectie die een milde ontstekingsreactie opwekt.
Deze voorbereidende fase vindt meestal plaats enkele dagen tot twee weken vóór de stamcelinjectie, afhankelijk van het behandelprotocol.
2. Verzameling van stamcellen
De volgende stap is het afnemen van lichaamseigen stamcellen, meestal uit het beenmerg (bijvoorbeeld via de bekkenkam) of uit het vetweefsel (via een kleine liposuctie). Beenmergafgeleide stamcellen (BMAC) worden in de orthopedie vaak geprefereerd vanwege hun sterke regeneratieve eigenschappen. Vetafgeleide stamcellen (ADSC) zijn gemakkelijker te verkrijgen en worden soms gebruikt als alternatief, vooral in cosmetische of experimentele settings. Welke bron wordt gekozen, hangt af van de voorkeur van de arts, de beschikbare apparatuur en de aard van de klachten.
3. Isolatie en voorbereiding
Na afname worden de stamcellen in het laboratorium verwerkt. Hierbij worden ze geïsoleerd, geconcentreerd en gezuiverd, zodat een zuivere stamceloplossing ontstaat. Dit verhoogt de effectiviteit en vermindert het risico op onbedoelde reacties.
4. Injectie in het gewricht
De klaargemaakte stamcellen worden onder begeleiding van echografie of röntgendoorlichting nauwkeurig geïnjecteerd in het aangedane gewricht. Deze beeldgestuurde plaatsing zorgt ervoor dat de cellen precies terechtkomen op de plek waar herstel nodig is.
De stamcelinjectie is meestal eenmalig per behandeltraject. In de weken daarna kunnen nog aanvullende PRP-injecties worden toegediend om het regeneratieve proces verder te ondersteunen. Deze nabehandeling helpt bij het activeren van groeifactoren en kan bijdragen aan een beter resultaat.
Wat zijn mesenchymale stamcellen?
Mesenchymale stamcellen (MSC’s), ook wel volwassen stamcellen genoemd, zijn lichaamseigen cellen met het vermogen zich te ontwikkelen tot verschillende soorten weefsel, zoals bot-, vet- en kraakbeencellen. In de context van artrose zijn deze cellen interessant omdat ze kunnen bijdragen aan herstel van beschadigd kraakbeen en andere structuren binnen het gewricht.
MSC’s worden meestal verkregen uit beenmerg of vetweefsel van de patiënt. Ze zijn dus autoloog, wat betekent dat ze afkomstig zijn uit het eigen lichaam — dit verkleint het risico op afstoting of bijwerkingen.
Na de afname kunnen artsen kiezen uit twee toedieningsmethoden:
1. Direct gebruik na concentratie
De stamcellen worden direct na afname geconcentreerd tot een injecteerbare oplossing, bijvoorbeeld via centrifugatie. Deze methode wordt vaak toegepast bij BMAC (Bone Marrow Aspirate Concentrate) en vereist geen verdere bewerking in een laboratorium. De behandeling kan hierdoor snel en in één sessie plaatsvinden.
2. Celkweek in het laboratorium
In sommige gevallen worden de stamcellen eerst vermeerderd in een laboratoriumomgeving (celkweek). Dit proces duurt enkele dagen tot weken en zorgt voor een grotere hoeveelheid stamcellen per behandeling. Deze aanpak wordt vooral gebruikt in landen waar uitgebreide stamcelmanipulatie is toegestaan en waar streng gereguleerd wordt volgens GMP-richtlijnen. De methode biedt potentieel bij ernstig beschadigd weefsel, maar is minder gebruikelijk in standaardklinieken.
Beenmerg-afgeleide mesenchymale stamcellen
Beenmerg-afgeleide mesenchymale stamcellen (BM-MSC’s) worden verkregen via een procedure die beenmergaspiratie heet. Daarbij neemt de arts met een naald een kleine hoeveelheid beenmergaspiraat af uit de achterste bekkenkam (crista iliaca posterior) van de patiënt — onder lokale verdoving.
Het afgenomen beenmergaspiraat wordt vervolgens verwerkt tot een geconcentreerd celpreparaat, bekend als BMAC (Bone Marrow Aspirate Concentrate). Dit bevat een hoge dichtheid aan lichaamseigen stamcellen en groeifactoren, en wordt geïnjecteerd in het aangedane gewricht om herstel te bevorderen.

Bij mensen met artrose wordt een BMAC-injectie rechtstreeks in het aangedane gewricht toegediend. De therapie is erop gericht om pijn te verlichten, de gewrichtsfunctie te verbeteren en — waar mogelijk — het ziekteproces te remmen of zelfs deels terug te draaien.
Vanwege de hoge concentratie actieve stamcellen en de brede toepassing in de orthopedie wordt BMAC in veel gespecialiseerde klinieken als voorkeursmethode beschouwd.
Vet-afgeleide mesenchymale stamcellen
Vet-afgeleide mesenchymale stamcellen (ADSC’s) zijn lichaamseigen stamcellen die worden gewonnen uit onderhuids vetweefsel, vaak via een kleine liposuctie. Sommige artsen kiezen specifiek voor vetweefsel uit het vetlichaam van Hoffa — een vetkussen achter en onder de knieschijf — vanwege de lokale beschikbaarheid bij knieartrose. Er bestaan twee vormen van toepassing:
1. SVF (Stromal Vascular Fraction)
Bij deze methode wordt het vetweefsel mechanisch verwerkt tot een cellulaire fractie die naast stamcellen ook bloedcellen, fibroblasten, cytokinen en groeifactoren bevat. Deze onbewerkte mix — bekend als SVF — wordt direct geïnjecteerd in het aangedane gebied. De combinatie van celtypen zou samen een regeneratieve prikkel geven, al is de precieze werking nog onderwerp van onderzoek.
2. Gezuiverde ADSC’s
In plaats van de ruwe mix kan het vetweefsel ook verder worden gezuiverd. Hierbij worden de ADSC’s geïsoleerd en geconcentreerd, zodat een zuiver stamcelpreparaat ontstaat. Deze behandeling wordt toegepast bij gewrichtsherstel, maar vereist meer laboratoriumbewerking en valt in veel landen onder strengere regelgeving.
Hoeveel kost stamceltherapie?
Stamceltherapie bij artrose is op dit moment uitsluitend beschikbaar in het buitenland. De kosten kunnen sterk variëren, afhankelijk van de toegepaste methode, de kliniek en het aantal behandelingen.
Voor een injectie met geconcentreerde lichaamseigen stamcellen uit het beenmerg (BMAC) liggen de tarieven meestal tussen de €2.500 en €7.500 per gewricht. Behandelingen met gekweekte stamcellen, waarbij de cellen in een laboratorium worden vermeerderd, zijn aanzienlijk duurder en kunnen oplopen tot €15.000 tot €20.000 of meer. De uiteindelijke prijs hangt af van factoren zoals:
- het type stamceltherapie (BMAC, ADSC of gekweekt),
- het aantal injecties en gewrichten,
- en eventuele combinaties met PRP of aanvullende behandelingen.
Deze therapieën worden aangeboden in zowel gespecialiseerde medische centra als commerciële klinieken, waarbij de kwaliteit, onderbouwing en regelgeving per aanbieder sterk kunnen verschillen. Stamcelbehandeling valt niet onder de basisverzekering, en de kosten zijn volledig voor eigen rekening.
Is stamceltherapie altijd effectief?
Stamceltherapie bij artrose laat veelbelovende resultaten zien, maar het effect verschilt per patiënt. Het is geen gegarandeerde oplossing, en de mate van verbetering hangt af van meerdere factoren. De effectiviteit wordt onder andere beïnvloed door:
- de ernst en locatie van de artrose,
- de algemene gezondheid en leeftijd van de patiënt,
- het type stamcellen dat wordt gebruikt (bijv. BMAC of ADSC),
- en de kwaliteit van de procedure en begeleiding.
Sommige mensen ervaren duidelijke vermindering van pijn en verbeterde mobiliteit, terwijl anderen minder baat hebben. Geen enkele behandeling werkt voor iedereen — dat geldt ook voor stamcelinjecties.
Volgens een gerandomiseerd onderzoek van de Mayo Clinic (2016) is stamceltherapie veilig en veelbelovend, vooral bij zorgvuldig geselecteerde patiënten. In de studie werd het effect van lichaamseigen stamcellen (BMAC) getest bij mensen met knieartrose, onder streng FDA-toezicht. Er traden geen complicaties op, en veel deelnemers rapporteerden vermindering van pijn en verbetering van functie — ook in de knie die slechts een zoutoplossing kreeg.
Wat zegt de Mayo Clinic?
Welke risico’s bestaan er?
Bij stamceltherapie voor artrose worden lichaamseigen (autologe) stamcellen gebruikt. Hierdoor zijn er geen afstotingsreacties en worden risico’s die gepaard gaan met donorcellen vermeden. De behandeling is doorgaans poliklinisch, minimaal-invasief en relatief veilig.
Zoals bij elke injectie bestaat er een klein risico op:
- infectie op de injectieplaats,
- lokale zwelling of pijn,
- of een tijdelijke toename van klachten direct na de behandeling.
Doordat gebruik wordt gemaakt van volwassen stamcellen (zoals BMAC of ADSC) — en niet van pluripotente embryonale stamcellen — zijn de ethische en medische risico’s beperkt. Er is geen kans op ongecontroleerde celgroei of tumorvorming, wat bij andere stamceltypen wél een theoretisch risico kan zijn.
Kortom: hoewel de behandeling niet geheel risicoloos is, geldt stamceltherapie met autologe cellen als een veilig alternatief binnen de regeneratieve orthopedie.
Waarom hoor je zo weinig over stamceltherapie in de reguliere zorg?
Lees het artikel Is artrose te genezen? Wat de richtlijnen niet vertellen en ontdek waarom regeneratieve behandelingen systematisch buiten beeld blijven — ook als ze wél werken.




